02.12.2004 Koeweit

“…je wilt het land gaan verkennen door een auto te huren en rond te rijden? Doe maar niet, er is niets te zien, niets anders dan zandvlakte en zandvlakte en zandvlakte doorsneden door hoogspanningsleidingen…”, schreef een collega onder de titel Weekdetentie over Koeweit. Dat zullen we nog wel eens zien, is zoals gewoonlijk mijn reactie. Tijdens mijn vorige bezoek aan het oliestaatje ben ik weliswaar het hotel amper uitgeweest, maar toen was het er dan ook bijna 50 graden. (Ik herinner me mijn verbijstering over Pakistaanse gastarbeiders — de enige mensen die in dit land lijken te werken — die onder die omstandigheden zwetend op bouwsteigers stonden.) Nu is het echter november, en ik heb er drie hele dagen te vullen.

In de lobby van het hotel hangen foto’s van hoe het er hier na de golfoorlog uitzag. Geblakerde muren, een gesmolten klok. Aan een van de receptionisten vraag ik naar de pont naar Failaka Island. Volgens mijn Lonely Planet over het Midden-Oosten zijn er redelijk interessante opgravingen uit de Griekse tijd te zien, en zolang je op de paden blijft heb je van de vele landmijnen die er liggen geen enkele last. “I wouldn’t know ma’am.” Punt. “Well, is there someone who does know?” Met duidelijke tegenzin informeert hij bij zijn vrouwelijke collega, die resoluut antwoordt dat de pont niet meer bestaat en dat het eiland grotendeels militair terrein is. Als zij vervolgens voor de zekerheid weer een andere collega raadpleegt krijg ik te horen dat er zo nu en dan nog wel een boot afvaart, maar dan alleen voor grote groepen. Afijn, het massatoerisme heeft Koeweit in elk geval nog niet gevonden.

Een graad of 24 had het moeten zijn volgens de verschillende weersites. Het blijkt aanmerkelijk killer te zijn, deze tijd van het jaar. Huiverend in een paar lagen dunne kleding zitten we stug bij het vrijwel verlaten hotelzwembad. De lucht is vol zand. Het verduistert de zon, en nestelt zich in onze wenkbrauwen. Iedereen zwijgt, verdiept in de ter voorbereiding op ledige dagen meegebrachte boeken. Een vrouw van middelbare leeftijd peddelt in onhandige schoolslag door de middenbaan van het royale zwembad, het hoofd fier rechtop om haar blonde krullen niet nat te maken. Een duif die net heeft gebadderd staat treurig uit te druipen langs de rand. Om half vijf, zonsondergang, klinkt rondom de oproep tot gebed. Het wordt nu echt te koud om nog buiten te zitten.

Vast ontmoetingspunt is de crewroom, die nog het meest wegheeft van een Ikea-showroom. We kijken in verbazing toe hoe de hele dag door hapjes en drankjes voor ons worden binnengereden en op gezette tijden weer worden weggehaald. Piepkleine sjieke sandwiches, diverse soorten noten, taartjes, fruit, vruchtensappen, koffie, thee… Geen alcohol. Alcohol is in Koeweit verboden. In de ruimte staat een computer, die de hele dag bezet is: internetten is er gratis. Als ik op Majesticmoose kijk wat Alex zoals uitspookt in mijn afwezigheid bereikt onze keurige site mij in zwaar gecensureerde vorm. Woordcombinaties als gay pride hebben blijkbaar de nodige alarmbellen doen afgaan.

De tweede avond eten we bij de plaatselijke Gauchos. Op de parkeerplaats spuien speakers in de perkjes Eros Ramazotti. We krijgen eerst een uitgebreide uitleg, ge?llustreerd met grote lappen rund op een plank. De wee? lucht van rauw vlees doet mij besluiten de vegetarische schotel te bestellen. Vloeken in de kerk, en dat zal ik weten. Ik krijg een bremzoute kom soep voorgeschoteld waarin wat stukken pompoen en aardappel drijven. Daarbij spinazie met teveel zout, teveel olie en teveel knoflook. Het blijft een bizar gezicht, een tafel vol biefstukken maar geen wijn. Wel wordt het tafelwater in wijnglazen geschonken, en staat de toog vol bedrieglijk echt aandoende drankflessen. Na het eten moeten we een klein fortuin afrekenen.

Het rondhangen moe besluiten we met z’n allen naar een shopping mall te gaan, ook al hebben we niks nodig en weinig te besteden. De vloeren glimmen en het is er rustig. Alles is er peperduur. Bij Starbucks, waar we urenlang koffiedrinken, wisselen sms-ende feminiene jongens openlijk versierblikken. De avond brengen we maar weer eens in de crewroom door. Op BVN-TV leest Philip Freriks het Nederlandse nieuws.

De fotocamera blijft dagen onaangeroerd in mijn tas. Het begint erop te lijken dat het waar is. In Koeweit is niks te doen.

anneke | 22:01 | plaatsen
1) print ("s"); } else { print("reageer"); } ?>  »

En toch ben ik nieuwsgierig naar hoe het daar uitziet. Jammer dat je er geen plaatjes hebt geschoten!

eva - 05.12.2004 - 14:29
reageer







onthoud mij:






Alle HTML-tags behalve <a href>, <b>, <i>, <strong>, en <em> worden uit je commentaar gestript. Je e-mail adres wordt nooit gepubliceerd.