19.07.2003 Het Bureau

I’m going to write this in dutch since there is hardly any point in writing English for such a typical Dutch book.

De zeven delen in de boekenkast

De in zeven delen verschenen roman ‘Het Bureau’ van J.J. Voskuil heeft al jaren een prominente plaats in onze boekenkast. Anneke had al enkele malen voorgesteld dat ik het zou moeten lezen, maar ik was wat huiverig na de verhalen die ik er over gehoord had: ‘saai, gortdroog, er gebeurt hoegenaamd niets’.

In maart van dit jaar heb ik dan toch het eerste deel uit de kast gepakt en me voorgenomen om na 200 pagina’s te stoppen als ik het niets zou vinden. Ik werd echter direct gegrepen door de sfeer en de droge, maar vaak hilarische beschijvingen van het wel en wee van de vele personages. Gisteren heb ik de laatste pagina van deel zeven gelezen en met heel veel leesplezier dit monsterproject volbracht (ik vraag me ineens af hoeveel mensen Het Bureau op deze wijze, alles achter elkaar, gelezen hebben).

De noterende stijl van Voskuil behoeft wel enige gewenning, maar onder de eenvoudige beschrijvingen van de dagelijkse verhandelingen gaan zeer veel emoties en gedachten schuil. Voskuil komt er bijvoorbeeld mee weg om tijdens de beschrijving van zijn afscheid zeker drie keer in één alinea exact dezelfde zin ‘Frits maakte een foto.’ te schrijven. Voor de één het bewijs van een totaal gebrek aan vakmanschap, voor de ander een meesterlijke schrijfstijl. Wat me al met al het meest heeft aangesproken is de wijze waarop de collega’s van Maarten worden neergezet, wat een prachtig beeld geeft van de manier waarop er op Het Bureau met elkaar om wordt gegaan. Ik weet zeker dat vele lezers zichzelf en hun werkplek in deze beschrijvingen herkennen.

Omdat ‘Het Bureau’ autobiografisch is blijf ik wel met een hoop vragen zitten: ‘Hoe denken de collega’s van Voskuil over de manier waarop ze worden neegezet’, ‘Wat zou de vrouw van Voskuil gezegd hebben toen hij de Libris literatuurprijs ter waarde van fl. 100.000,- kreeg’ (om nog maar te zwijgen over de inkomsten van de verkoop van al die boeken) en ‘Doet het Meertens instituut nog steeds van die zinloze onderzoeken’ (en ja hoor)…

‘Het Bureau’ bevestigt voor mij iets wat ik me enkele jaren geleden gerealiseerd heb: werk is zinloos. Nu is dat wat kort door de bocht, maar ik kan me goed inleven in Maarten’s werkethiek. Je weet dat wat je doet weinig tot geen zin heeft, maar je verantwoordelijkheidsgevoel is te groot om er met de pet naar te gooien. De standaard die je voor jezelf zet is hoog, en je verwacht niet minder van je collega’s. Je kan het ook niet helpen dat je op een gegeven moment bevlogen raakt door het onderwerp waar je mee bezig bent, omdat je patronen en structuren ontdekt. Als uiteindelijk blijkt dat het werk waaraan je jarenlang hebt gewerkt, r?ºcksichtslos terzijde wordt geschoven, veroorzaakt dat toch triestheid en woede, ondanks het feit dat je jarenlang gezegd hebt dat het toch nutteloos is.

Waar veel boeken op mij dezelfde uitwerking hebben als een film, leuk vermaak en verder niets, gaat Het Bureau dieper. Het heeft in veel opzichten mijn kijk op het leven beïnvloed, zoals mijn werk, autorijders, ouder worden en het wonen in Amsterdam. ‘Het Bureau’ is prachtige literatuur, iedere Nederlander zou dit moeten lezen…

Deel 1, Meneer Beerta

alex | 13:44 | boeken
1) print ("s"); } else { print("reageer"); } ?>  »

Nou dat is goed om te weten. Ik heb Het Bureau 1 nu al bijna twee jaar ongelezen in huis (gekocht toen ik naar Boise ging met de gedachte het daar te lezen). Ik weet niet waarom ik het nog steeds niet gelezen heb… er zijn maar weinig boeken in mijn huis die ongelezen blijven. Misschien de titel?

Je geeft me hoop. Ik zal het maar weer proberen.

Rumy - 20.07.2003 - 16:49

Mijn vraag is dan weer wat eerst Bij Nader Inzien of gwoon er voor gaan ?

Ruud Kreeftmeijer - 19.09.2006 - 08:15